De boegschroef zit in de tunnel, het bedieningspaneel hangt bij de stuurstand en nu wacht er een bos dikke kabels. Kies je op gevoel een kabel of zekering, dan merk je dat pas bij de eerste krappe box: de boegschroef duwt slap of de kabel wordt warm.
Een boegschroef sluit je aan met een eigen voeding direct vanaf de accu. Eerst komt een hoofdzekering zo dicht mogelijk bij de pluspool, dan een hoofdschakelaar, daarna het relais en de motor. Het bedieningspaneel of de joystick stuurt via dunne draden alleen het relais aan.
Met de juiste kabeldikte en zekering haalt de boegschroef de stuwkracht die de fabrikant opgeeft. Voor de inbouw van tunnel en motor volg je de handleiding van je boegschroef; hier gaat het om de elektrische installatie.
Zo loopt de stroomkring van een boegschroef
Onder de kooi of in het voorpiek lijkt het een wirwar, maar de stroomkring bestaat uit vijf onderdelen in een vaste volgorde.
- Accu. De accu levert de hoofdstroom: een Vetus boegschroef van 1,5 kW trekt op 12 volt al circa 200 ampère.
- Hoofdzekering. De hoofdzekering en de hoofdschakelaar van een boegschroef horen zo dicht mogelijk bij de pluspool, omdat de kabel daarvoor onbeschermd is. Een hekschroef krijgt volgens Sleipner een eigen zekering en hoofdschakelaar.
- Hoofdschakelaar. Met de hoofdschakelaar maak je de installatie spanningsloos. Blijft de boegschroef onverhoopt doordraaien, dan is dezelfde schakelaar je noodstop, dus monteer hem binnen handbereik.
- Relais. Het relais schakelt de hoofdstroom naar de motor en bepaalt of de boeg naar bakboord of stuurboord gaat.
- Motor. De elektromotor drijft de schroef in de tunnel aan en is via de minkabel terug verbonden met de accu.
De bediening heeft een eigen, lichte stuurstroomkring: de joystick of de drukknoppen zetten spanning op de spoel van het relais. Het relais doet het zware werk, de bediening schakelt alleen.
Alle onderdelen vind je bij accu klem en kabel, kabel installatie, schakelaars en boegschroef onderdelen.

Aparte accu of aansluiten op de startaccu?
Twijfel je tussen een extra accu voorin of dikke kabels naar de accubank achterin, kijk dan eerst naar de afstand. Een aparte accu dicht bij de motor houdt de hoofdstroomkabels kort en het spanningsverlies laag; Vetus en Sleipner adviseren die opstelling, Cupa schrijft een aparte accu voor.
Voeden vanaf de accu’s achterin kan ook, omdat motor en dynamo tijdens het manoeuvreren meedraaien, maar bij een lange boot worden de kabels zwaar en duur. Hang je de boegschroef aan de huishoudaccu, dan zie je in de praktijk de spanning aan het roer inzakken zodra je de joystick beweegt.
Een boegschroef vraagt, net als een startmotor, een korte en hoge piekstroom. Sleipner geeft daarom per model een minimale koude startstroom (CCA) voor de accu op. Een krachtige lithium accu kan volgens Sleipner zelfs een hogere spanning leveren dan een aan/uit boegschroef verdraagt.
Laden gaat in de praktijk vaak met een DC-DC lader vanaf het boordnet, bijvoorbeeld van Victron Energy. Bestaande ankerlierkabels zijn daarvoor meestal dik genoeg, maar zelden om de motor direct te voeden. Meer lees je in boot elektra aansluiten, welke accu in boot en accu opladen boot.
12V of 24V, en welke kabeldikte?
Ligt er al een 12V boordnet en twijfel je over een 24V boegschroef, dan bepaalt die keuze hoe dik je kabels worden. Een 24V boegschroef trekt bij hetzelfde vermogen ongeveer de helft van de stroom van een 12V boegschroef, en kan dus met een dunnere kabel en een kleinere zekering toe. Dat zie je in de tabel van de Sleipner SE50:
| Sleipner SE50 | 12 volt | 24 volt |
| Nominale stroom | circa 370 A | circa 170 A |
| Aanbevolen zekering | ANL 325 | ANL 150 |
| Kabel bij minder dan 7 m totaal | 50 mm² | 25 mm² |
| Kabel bij 7 tot 14 m totaal (minimaal / aanbevolen) | 70 / 95 mm² | 25 / 35 mm² |
De totale lengte is de hele route van de pluspool via zekering, hoofdschakelaar en motor terug naar de minpool. Zit de accu 5 meter van de motor, dan reken je dus met 10 meter kabel.
Te dunne kabels veroorzaken spanningsverlies en kosten daardoor direct stuwkracht. Dezelfde SE50 levert 62 kg stuwkracht bij 12 volt aan de motor en nog 50 kg bij 10,5 volt. Cupa noemt 11 volt op het relais als ondergrens: daaronder blijft circa 80% stuwkracht over en kan de motor schade oplopen.
Neem de kabeldikte daarom altijd uit de handleiding van jouw boegschroef, ook als er al kabels liggen. Voor een 24V boegschroef op een 12V boot kies je tussen een apart 24V accupakket of een serie/parallelschakelaar, die twee 12V accu’s alleen tijdens gebruik in serie zet.

Zekering en relais aansluiten
Een te zware zekering of een relais met de verkeerde spoelspanning zie je aan de buitenkant niet, tot er iets doorbrandt. Kies eerst de kabel en daarna de zekering die bij die kabel past. Een zekering beschermt de kabel, niet de boegschroef: bij kortsluiting moet de zekering smelten voordat de kabel te heet wordt. Type en waarde vind je in dezelfde fabrikantentabel als de kabeldikte. Vervang een doorgeslagen zekering altijd door dezelfde waarde, nooit door een zwaardere.
Het relais monteer je volgens Cupa rechtop en vlak bij de motor. Het merkrelais van je eigen boegschroef is de veiligste keuze, omdat spoelspanning en stroomwaarde dan op de motor zijn afgestemd, zoals het Cupa 12V relais voor de CP90. Kies je voor je Max Power, Side-Power of Vetus een ander relais? Vergelijk dan op het typeplaatje de spoelspanning en de stroom die het relais kortstondig en continu aankan. Bekijk de boegschroef relais 12 volt of boegschroef relais 24 volt.
Voor de stuurstroom volstaat bij Vetus en Cupa draad van 1,5 mm², met een eigen zekering van 5 ampère. Draait de boegschroef na het aansluiten de verkeerde kant op, dan wissel je volgens Vetus twee stuurdraden op het relais om en blijven de dikke kabels zitten. Test dat na het aansluiten in het water: de boeg moet de kant op gaan die je met de bediening kiest. Bij een stalen schip verbind je volgens Cupa de massadraad van de motor met de romp of een anode, zodat er geen spanningsverschil ontstaat.
Het aansluitschema lezen
Volg op het schema eerst de dikke lijn: van de pluspool via hoofdzekering en hoofdschakelaar naar het relais, met twee kabels naar de motor en via de minkabel terug naar de accu. Daarna volg je de dunne lijn: bediening, kleine zekering, spoel van het relais.
Veiligheid: zet de hoofdschakelaar uit voordat je aan de kabels werkt. Monteer motor en accu in een droge, goed geventileerde ruimte. Dek elke kabelschoen af, zonder ringetjes tussen gestapelde schoenen, want dat geeft volgens Sleipner oververhitting. Controleer de aansluitingen na een paar weken opnieuw en laat de motor op de kant nooit langer dan 5 seconden draaien.
Veelgestelde vragen over boegschroef aansluiten
Hoe werkt een boegschroef?
Een boegschroef is een elektromotor met een schroef in een dwarse tunnel onder de waterlijn, die de boeg zijwaarts naar bakboord of stuurboord duwt. Nog geen boegschroef? Kijk bij boeg- en hekschroeven.
Heeft een boegschroef onderhoud nodig?
Weinig, maar wel regelmatig. Vetus adviseert de koolborstels en de aansluitingen tussen accu, relais en motor minstens eens per jaar te controleren en bij de hellingbeurt de zinkanode na te lopen.
Hoe lang mag een boegschroef achter elkaar draaien?
Kort. Cupa noemt maximaal één minuut achtereen, de Vetus BOW2512E mag maximaal 4 minuten per uur draaien. Daarboven schakelt de thermische beveiliging de motor uit tot hij is afgekoeld.
Mijn boegschroef werkt niet, wat nu?
Controleer eerst de hoofdschakelaar, de hoofdzekering en de accuspanning. Lees daarna boegschroef werkt niet: oorzaken en oplossingen.
Een goed aangesloten boegschroef heeft een eigen, korte voeding vanaf de accu. Zekering en kabel komen uit de tabel van de fabrikant, het relais past bij de spanning van je boot. Twijfel je welk onderdeel bij jouw installatie hoort? Stuur een foto van het typeplaatje en de aansluitingen via WhatsApp naar AB Marine Service. AB Marine Service levert relais, zekeringen, hoofdschakelaars en kabel voor boegschroeven, waaronder de relais van Cupa, en kijkt met je mee wat past.
